| |
Foto reportage vogelpark het Zwin en Breskens 3 september 2003
Het
Belgische gedeelte van het natuurreservaat het zwin is slechts te bereiken via
het vogelpark het zwin. Hier kunt een aantal meer en minder voorkomende
vogelsoorten bekijken die in Europa voorkomen, of via trek zich verplaatsen. De
conservator van het zwin kan u eventueel uitleg geven over de broed en de trek,
en de vogels die hier overwinteren en blijven.
Ooievaar
Veldkenmerken. 100-115 cm. Makkelijk te herkennen aan wit verenkleed met zwarte slagpennen en dekveren, lange nek en lange rode snavel en poten. Rust op bomen, gebouwen, etc., vaak op één poot. Stapt rustig met gestrekte nek en iets naar voren hellend. Vliegt met gestrekte en iets beneden horizontaal gehouden nek; poten steken duidelijk voorbij staart uit. Vliegt met zeer rustige, trage vleugelslagen en zweeft op thermiek met rechtgehouden vleugels. Bij
juveniele zijn de slagpennen bruiner en de snavel en poten dof bruinrood.
Geluid. Zwijgzaam buiten broedtijd. In broedtijd luid snavelklepperend op nest.
Voorkomen. Neemt in aantal af in noord en west Europa, maar is in oosten en zuiden van gebied nog talrijk.
Habitat. Bouwt enorm nest op bomen, daken, kerktoren, ruďnes en op speciaal gemaakte platforms-op-palen. Komt voor in open natte gebieden, graslanden, steppen, agrarische gebieden, etc.
Voedsel. Variatie aan kleine dieren, zoals grote insecten, kleine zoogdieren, amfibieën en reptielen, wormen, vis. Eet ook aas.
Foerageert lopend, met snavel naar beneden gericht.
|